Een superstrategisch gelegen eiland

Als je van strand houdt, maar er ook niet vies van bent om tijdens je vakantie wat bloederige geschiedenis op te snuiven, zit je op Noord-Cyprus goed. „We blijven hier demonstreren zolang het mooi weer is.”

Zodra je landt op de luchthaven van Noord-Cyprus weet je het: dit is een bizar land. Want hoewel de luchthaven prima en modern is, mag je er vanuit het buitenland niet direct naartoe vliegen. Dat komt omdat Noord-Cyprus geen land is. Het wordt door niemand erkend, behalve door Turkije. Als je uit Nederland naar dit noordelijke deel van het eiland wil vliegen, moet je eerst een tussenstop maken in Turkije. Dwars over het eiland loopt de bufferzone die de twee partijen sinds 1974 uit elkaar houdt. En behalve een Turks en een Grieks deel zijn er ook nog Britse enclaves, met militaire installaties die de Middellandse Zee in de gaten houden.

Begin tegen een Noord-Cyprioot over waarom een klein eiland als Cyprus in tweeën is gedeeld, en ze zeggen allemaal hetzelfde. „Omdat we altijd al een speelbal zijn geweest. Sinds de mens 10.000 jaar geleden op Cyprus aankwam, is er oorlog op dit eiland”, weet Yusuf Ciner. Het eiland ligt gewoon te strategisch om met rust te worden gelaten, denkt hij. Geen enkele grootmacht kon het zich veroorloven om Cyprus links te laten liggen. Kijk alleen al naar zijn eigen leven, zegt de 74-jarige Cyprioot. „Ik ben geboren in oorlog, heb er in één gevochten en waarschijnlijk zal er één zijn als ik doodga.”

Veroveraars
Het eiland, superstrategisch gelegen in het oosten van de Middellandse Zee tussen Europa en het Midden-Oosten, is dan ook bezaaid met de overblijfselen van veroveraars uit alle tijdperken. Zoals het pittoreske havenplaatsje Kyrenia, waar een gigantisch kasteel boven de haven uittorent. Eerst kwamen hier de Romeinen, toen de Byzantijnen, de kruisvaarders, Venetië, de Ottomanen en als laatste de Britten. Tussendoor vonden Genovezen en Arabische piraten ook nog de tijd om het plaatsje lastig te vallen.

Allemaal voegden ze wat toe aan het kasteel, dat groter en groter werd. Binnenin zit het vol verborgen gangen en kamers met uitzichten over de vijandelijke posities. Luguber zijn de metersdiepe putten in de kerkers, waar de kruisvaarders hun vijanden in lieten wegrotten – nadat ze eerst gruwelijk gemarteld waren. Bloederig zeker, maar mooi om te zien zijn de kastelen ook.

Zoals het St. Hilarionkasteel, dat hoog boven Kyrenia op een steile bergkam over zee uitkijkt. St. Hilarion is gebouwd in de rots waarop hij staat en ziet er zo sprookjesachtig uit, dat Walt Disney hier inspiratie vond voor zijn kasteel uit Sneeuwwitje. Vanuit deze positie konden de soldaten de hele zee afspeuren naar vijandelijke schepen.

Behalve oude kastelen en kloosters heeft Noord-Cyprus ook heel levende getuigen van de turbulente geschiedenis van het eiland. Het meest bizarre is de oostelijke kuststad Famagusta. Heel Famagusta is Turks-Cyprus, behalve één wijk. Sinds de Griekse bewoners de strandwijk Varosha in de jaren zeventig verlieten en naar het zuiden trokken, is het hier uitgestorven. De wijk ziet eruit als een scene uit een rampenfilm. Over een lengte van vier kilometer staan vervallen hotels langzaam te vergaan aan een bloedmooi goudgeel strand met blauw water. Helaas mag je er niet in; alleen soldaten mogen er patrouilleren.

Maar de tweedeling is nergens zo zichtbaar als in de hoofdstad van het eiland, Nicosia. Het perfect ronde middeleeuwse centrum is precies door het midden in tweeën gedeeld. Hoge wachttorens van de VN-vredesmissie kijken over deze ’Groene Lijn’ uit. Want de laatste oorlog, met Grieks Cyprus, is nog steeds niet helemaal afgehandeld. Een hereniging van het eiland lijkt dan ook ver weg. Aan de bewoners van Cyprus zelf zal het niet liggen, weet Yusuf. „We hebben totaal geen problemen met elkaar. Ik heb zelf veel Griekse vrienden.” Nee, als er ruzie is op Cyprus, dan komt die van buiten. „De deling is ons opgelegd door Groot-Brittannië, Griekenland en Turkije.”

Occupy
Yusuf heeft zich er inmiddels bij neergelegd, maar de jonge generatie Cyprioten begint er genoeg van te krijgen. Telkens als de hereniging in zicht lijkt, loopt het op het laatste moment de soep in. „Ik voel me opgesloten in Noord-Cyprus”, vertelt de 22-jarige Gökhan Baytaroglu. „Het is hier net een gevangenis.” Als hij naar het buitenland wil, moet hij eerst via Turkije. En waar de zuidelijke bewoners in de Europese Unie zitten, moet hij een visum aanvragen als hij naar Europa wil. „Allemaal politiek. Doodziek word je ervan.”

Veel Griekse leeftijdsgenoten zijn het met hem eens. Sinds de regels in 2008 werden versoepeld, kan je gemakkelijk de grensovergang oversteken. Je paspoort laten zien is genoeg. En er zijn onderhandelingen gaande om in de toekomst, onder leiding van de VN, de hereniging van Cyprus weer vlot te trekken. Maar voor veel Cyprioten gaat dat nog lang niet ver genoeg. Om een beetje vaart in de onderhandelingen te brengen, streek een groepje Griekse Occupiers deze winter neer tussen de twee lijnen. In het niemandsland tussen de Griekse en de Turkse grensovergang van Nicosia hebben ze hun kamp neergezet en de straat volgehangen met spandoeken. ‘The war is over’, staat er op één. In de schaduw zitten twee Griekse jongens te schaken. Hoelang ze hier blijven? „Zolang het mooi weer is. In de zomer wordt het te heet. Demonstreren moet wel leuk blijven.” Vandaag dan toch zeker wel nog? „Ja, in ieder geval tot etenstijd. Maar of we gaan eten in noord of zuid, dat weten we nog niet.”

Bron: http://www.spitsnieuws.nl/archives/entertainment/2012/06/zon-zee-en-niemandslanden