Geschiedenis

Algemeen

Na Griekse, Romeinse en Venetiaanse/Genuase overheersing was Cyprus van 1571 tot 1878 onderdeel van het Ottomaanse Rijk. Het Verenigd Koninkrijk en het Ottomaanse Rijk sloten in 1878 een Conventie van Defensief Bondgenootschap, waarbij Turkije in feite werd gedwongen afstand te doen van Cyprus. Cyprus werd een Britse kolonie ook al voorzag het verdrag nog in teruggave van Cyprus aan Turkije. Op 5 november 1914 werd Cyprus ingelijfd als kolonie door het VK in reactie op het Turkse besluit mee te doen aan de zijde van Duitsland in de Eerste Wereldoorlog. Op 24 juli 1923 werd Cyprus door het VK geannexeerd bij het Verdrag van Lausanne, hetgeen door Turkije werd erkend. In 1925 werd Cyprus een Britse kroonkolonie. Na de Tweede Wereldoorlog komt het binnenlands verzet tegen het VK op gang, niet uit streven naar onafhankelijkheid, maar uit de wens tot ‘ENOSIS’, aansluiting bij Griekenland. Dit zou onherroepelijk hebben geleid tot deling van het eiland; het Turkse deel zou vervolgens aansluiting, ‘TAKSIM’, hebben gezocht bij Turkije.

Na 7 dagen onderhandelen werd op 11 februari 1959 de overeenkomst van Zurich bereikt en werden in Londen, 16 augustus 1960, drie verdragen getekend waarmee Cyprus een onafhankelijke republiek werd. Het verdrag van Vestiging tussen Cyprus, Griekenland, Turkije en het VK regelt de oprichting van de Republiek Cyprus. Het Verenigd Koninkrijk behield twee grote militaire bases op het eiland. Samen met een soevereine Britse zone om de bases heen zijn dit de zogenaamde ‘Sovereign Base Area’s. Het Alliantieverdrag tussen Cyprus, Griekenland en Turkije regelt de aanwezigheid van Griekse en Turkse troepen op het eiland. Het Garantieverdrag tussen Cyprus, Griekenland, Turkije en het VK garandeert de onafhankelijkheid van Cyprus en geeft enige rechten op interventie aan Griekenland en Turkije, zij het dat niet is geregeld hoe. Aartsbisschop Makarios III werd de eerste President van de nieuwe Republiek Cyprus.

In 1962 deed Cyprus een aanvraag voor een EEG-handelsovereenkomst. In 1963 braken na enige jaren van onrust bloedige onlusten uit tussen Grieks- en Turks-Cyprioten. In december resulteerde dit in actieve bemoeienis van de VN en in 1964 stationering van VN-troepen en de scheiding van de gemeenschappen in Nicosia door de zogenaamde ‘Groene Lijn’. In 1967 kwam in Griekenland een militaire dictatuur aan de macht. Dit leidde tot verscherping van tegenstellingen tussen Grieks- en Turks-Cyprioten. In 1972 kreeg Cyprus een associatie-verdrag met de EEG.

Na een staatsgreep in Cyprus op 15 juli 1974, geïnstigeerd door de militaire junta in Athene met als opzet alsnog door geweld ‘ENOSIS’ (aansluiting bij Griekenland) te bereiken, greep Turkije in met een beroep op het Garantieverdrag en de eerste Turkse interventie had plaats op 20 juli. Het Turkse leger veroverde een corridor tussen Kyreinia in het Noorden en het Turks-Cypriotische deel van Nicosia. Onderhandelingen in Geneve liepen op niets uit en op 15 augustus 1974 kwam er een grootschalige Turkse invasie waarbij meer dan een derde van het eiland, het noordelijke deel en heel Karpasia door Turkse troepen werd bezet. De Turkse-Cypriotische leider Denktash riep in 1975 de Turkse Federale Staat Cyprus uit, op 15 november 1983 omgedoopt tot de alleen door Turkije erkende ‘Turkse Republiek Noord-Cyprus’, de TRNC.

Inmiddels deed de VN verschillende bemiddelingspogingen, waarvan de belangrijkste zijn het akkoord in 1977 tussen partijen over bi-zonaliteit en bi-communaliteit en de ‘set of ideas’ van SGVN Boutros Ghali in 1992. Inmiddels had de Cypriotische President Vassiliou op 3 juli 1997 een officieel verzoek ingediend toe te treden tot de EEG. De Europese Raad van Essen bepaalde in 1994 dat een oplossing van de kwestie-Cyprus geen voorwaarde was alvorens tot onderhandelingen over te gaan. EU-toetredingsonderhandelingen begonnen op 31 maart 1998; tot medio mei 1999 was er ‘acquis-screening’. In 1999 begon ook een nieuwe intensieve poging van de VN de kwestie-Cyprus op te lossen. Sinds 16 januari 2002 voerden eerst President Clerides, later Papadopoulos, en de Turks-Cypriotische leider Denktash, later Talat, eerst indirecte (‘proximity talks’), daarna directe officiële besprekingen onder auspiciën van de VN. Daarbij concentreerde men zich op vier onderwerpen: staatsstructuur/verdeling competenties; veiligheid; verdeling van het grondgebied; en vermisten/onroerend goed/vluchtelingen. De onderhandelingen kwamen in 2002 in een stroomversnelling. De bedoeling was tot een akkoord te komen voor de Europese Raad in Kopenhagen in december 2002, waar het besluit zou vallen dat Cyprus klaar was toe te treden tot de Europese Unie. Dat besluit kwam er, maar er was helaas nog geen oplossing. De onderhandelingen culmineerden in Den Haag in maart 2003, waar in het Vredespaleis de Turks-Cypriotische leider Denktash, gesteund door de Turkse regering, het derde voorstel van de SGVN afwees. De onderhandelingen hielden toen op, de voorbereidingen voor Cypriotische toetreding tot de EU gingen gewoon door.

In januari 2004 was de Turkse regering bereid nieuwe onderhandelingen te beginnen en forceerde zij de Turks-Cypriotische leider deze aan te gaan. Alle partijen kwamen in New York in januari 2004 overeen onderhandelingen te beginnen onder auspiciën van de Verenigde Naties volgens een strak tijdschema. Als deze niet tot het gewenste resultaat zouden leiden, zouden de partijen met Griekenland en Turkije in Zwitserland (Burgenstock) de onderhandelingen in zeer intensief formaat voortzetten. Als dat niet zou lukken, zou de SGVN overgaan tot arbitrage. Aldus gebeurde. De Grieks-Cypriotische regering was echter niet tevreden met het eindresultaat, het 5e plan van de SGVN: ‘Annan 5’ en adviseerde de eigen bevolking in het referendum op 24 april 2004 tegen te stemmen. De Grieks-Cyprioten verwierpen het resultaat met 76% van de stemmen; de Turks-Cyprioten keurden het plan goed met 65% van de stemmen. Als gevolg daarvan trad Cyprus op 1 mei 2004 als verdeeld eiland toe tot de EU.

Kort historisch overzicht

Stenen tijdperk (8200-3900 v.Chr.)

Restanten van de vroegste vestigingen op Cyprus dateren uit deze periode. Bij Choirokoitia kunt u deze bezichtigen. Vanaf 5.000 voor Christus werd begonnen met pottenbakken

Jonge steentijd (3900-2500 v.Chr.)

Overgangsperiode tussen het stenen tijdperk en het bronzen tijdperk. Vooral vestigingen in westelijk Cyprus. Beperkte koperwinning en exploitatie.

Bronzen tijdperk (2500-1050 v.Chr.)

Uitbreiding van de koperwinning en daarmee verbetering van de welvaart. Eerste ontwikkelingen van handel met Midden-Oosten en Egeische eilanden. Cyprus in die periode ook bekend als Alasia. Vanaf 1400 v.Chr. bezoeken van Myceense handelaren; vestigingen vanaf 1200 v.Chr. waarmee introductie en verspreiding van Griekse cultuur en taal. Vestiging van de stads-koninkrijken Paphos, Salamis, Kition en Kourion.

Geometrische Periode (1050-750 v.Chr.)

Periode van Grieks bestuur en cultuur met 10 stadskoninkrijken. Aanbidding van de godin van de liefde Aphrodite, die op Cyprus geboren zou zijn. Vestiging van de Feniciërs in Kition in de 9e eeuw voor Christus. Grote welvaart in de 8e eeuw v.Chr.

Archaische en Klassieke Periode (750-310 v.Chr.)

Continuëring van de welvaart, ondanks een aantal invallen vanuit Assyrië, Egypte en Perzië. Vereniging van heel Cyprus onder koning Evagoras (411-374v.Chr.) van Salamis, waarmaa Cyprus een van de leidende centra in de Griekse cultuur werd. Onder Alexander de Grote werd Cyprus onderdeel van zijn grote Macedonische Rijk.

Hellenistische Periode (310-30 v.Chr.)

Na de strijd om de opvolging van Alexander de Grote tussen diens generals, viel Cyprus onder de (Hellenistische) Ptolemeërs uit Egypte en werd onderdeel van de Grieks Alexandrische wereld. Stadskonikriken warden afgeschaft, Paphos werd de nieuwe hoofdstad.

Romeinse Periode (30 v.Chr. – 330 n.Chr.)

Omstreeks het begin van de jaartelling kwam Cyprus onder Romeinse gezag. De Proconsul Sergius Paulus werd door Sint Paulus en Sint Barnabas tot het Christendom bekeerd, waarmee Cyprus het eerste door een Christen bestuurde land werd. In deze eeuwen werd Cyprus getroffen door verwoestende aardbevingen.

Byzantijnse Periode (330 – 1191)

Na de deling van het Romeinse Rijk , viel Cyprus onder het oost-Romeinse (of Byzantijnse Rijk), waarvan Constantinopel de hoofdstad was. Het Christendom werd de officiële godsdienst. Bij zware aardbevingen in de 4e eeuw werden de steden verwoest, de stad Constantia werd daarna de nieuwe hoofdstad.

Vanaf 647 tot 965 vonden invasies van Arabieren en piraten plaats. In 965 werden de Arabieren door Keizer Nicephoros Phocas uit klein Azië en Cyprus verbannen.

Richard Leeuwenhart en de Tempeliers (1191 – 1192)

De Byzantijnse governeur en zelf-verklaarde keizer van Cyprus Isaac Comnenus, ging hardhandig om met schipbreukelingen die voor de 3e kruistocht onderweg waren. Onder de schipbreukelingen bevonden zich echter de zuster en verloofde van Richard Leeuwenhart, die zich revancheerde door Isaac te verslaan en Cyprus in te nemen. In Limassol trouwde Richard met zijn verloofde Berengaria van Navarra. Na een jaar verkocht hij Cyprus voor 100.000 dinars aan de militaire orde van de Tempeliers, die het voor hetzelfde bedrag weer doorverkocht aan Guy de Lusignan, de onttroonde koning van Jeruzalem.

Lusitanische Periode (1192 – 1489)

Cyprus werd op feodale wijze geregeerd, the positie van de Grieks-Orthodoxe kerk werd overgenomen door de Rooms-Katholieke. Famagusta (Ammochostos) werd één van de rijkste steden in het Nabije Oosten. De historische namen Lefkosia, Ammochostos and Lemesos warden vervangen door Nicosia, Famagusta and Limassol. De hardhandige regeringsperiode van de Lusitaniërs kwam tot een einde toen, de uit Venetie afkomstige, Koningin Catharine Cornaro in 1489 (na het overlijden van haar Lusitanische echtgenoot) het eiland overdroeg aan Venetië.

Venetiaanse Periode (1489 – 1571)

Voor de Venetianen was Cyprus het laatste regionale bastion in de strijd tegen de Ottomanen. In Nicosia en Famagusta werden grote stadsmuren aangelegd, hetgeen echter niet mocht baten tegen de oprukkende Ottomanen.

Bron: Nederlandse Ambassade Nicosia